In 1220 schonken Arnold III, graaf van Loon en zijn zuster Mechtildis, abdis van Munsterbilzen, de kapel van Biesen, nu Rijkhoven (Bilzen), aan de Duitse Orde. Deze gift lag aan de basis van de kern van de latere Landcommanderij Alden Biesen. Omstreeks 1361 verliet de Duitse Orde Alden Biesen en werd de hoofdzetel verplaatst naar Nieuwen Biesen in Maastricht dat hoofdzetel van de balije Biesen werd. De oude kloostergebouwen van Alden Biesen raakten in verval, totdat landcommandeur Winand van Breill er in 1543 zijn majestueuze zomerresidentie bouwde, inclusief voorburchten (in 1571 voltooid).
Onder landcommandeur Damian Hugo von Schönborn werd het renaissancekasteel in 1715-1716 omgevormd tot een adellijke residentie. De stijl werd naar voorbeeld van grote Franse architecten aristocratisch en transparant. Hart van het Alden Biesen complex is de voormalig waterburcht (zestiende eeuw) die omgeven wordt door een gracht. Opvallend is de hoge klokketoren die zich verheft boven de vier hoektorens. In een der hoektorens van de waterburcht liet de latere landcommandeur Ferdinand von Sickingen in 1745 een bibliotheek inrichten in de Luikse rococostijl, met zijn staatsieportret in de schouwboezem, een portrettengalerij van zijn familie, prachtige parketvloer en plafond stucwerk.
Tijdens de Franse Revolutie werden de bezittingen van de Duitse of Teutoonse Orde geconfisqueerd en verkocht. Het volledige domein kwam in privé-bezit, tot in 1971 de Belgische Staat eigenaar werd en een procedure tot integrale restauratie werd opgestart. Het complex, dat in de zeventiger jaren deels ten offer viel aan een grote uitslaande brand, is intussen grotendeels gerestaureerd. De restauratie geschiedde in fasen en in 2003 werden de vertrekken van de landcommandeur, inclusief de bibliotheek die gelegen is in het kasteel zelf, zorgvuldig gerestaureerd. Alden Biesen is nu een Cultureel Centrum van de Vlaamse Gemeenschap, maar met een internationale uitstraling. Ook is het bekend als congrescentrum.
De landcommanderij was in feite hoofdzetel van de Duitse Orde, een religieuze ridderorde in de eeuwen vóór de Franse Revolutie. Onder deze landcommanderij geplaatst waren twaalf commanderijen van lagere hiërarchie, meestal kastelen, residenties in steden en pachthoeven met landerijen. Deze commanderijen lagen verspreid over een gebied dat gelegen was in de huidige provincies Limburg en Brabant (Nederlands en Belgisch) en het Duitse Noord-Rijn-Westfalen. De landcommandeur van Alden Biesen, die de baas was van twaalf commandeuren, stond weer onder het gezag van de grootmeester van de Duitse Orde.
Voor de (latere) waterburcht gelegen zijn de tegenover elkaar liggende voorhofgebouwen die vanaf een monumentaal hekwerk uit 1775 een imposante entree naar het kasteel vormen. De voorhofgebouwen bevatten de zg. tiendschuur en de voormalige rijschool. Aan de andere zijde van het hekwerk loopt de weg in de vorm van een lindenallee verder het prachtige landschap in. Aan de westzijde van de burcht ligt de zg. Franse tuin, die in 1991 werd herschapen naar het originele voorbeeld van begin achttiende eeuw.
Opmerkelijk is de grote barokke kapel die aan de noordkant van de burcht ligt, in feite een eenhallige kerk. Opzij daarvan, rondom een binnenplein, ligt de Oranjerie (thans is de receptie van Alden Biesen er gevestigd). Een poort leidt naar de Maastrichterallee. Gaande naar links komt men uit bij de Tuinierstoren en het Gastenhuis uit 1616, dat oorspronkelijk als school voor de jeugd uit omliggende streken fungeerde, later een herberg werd en dat momenteel dienst doet als taveerne. Gaande naar rechts liggen op ca. een halve kilometer afstand de trompetterswoning en het Apostelhuis (zestiende eeuw). Het laatstgenoemde werd enkele jaren geleden volledig gerestaureerd en doet thans dienst als taveerne en als museum. De poorttoren (1652) vormde een strategisch belangrijk punt: 30 meter hoger gelegen dan de waterburcht had men er een goed zicht op wat zich in de verte afspeelde, tot aan Maastricht toe.
Naast het Alden Biesen-complex, gelegen op een heuvel aan de zuidkant, ligt de zg. Engelse tuin waarin een tempelgebouwtje markant gelegen is. Ten noorden van het complex ligt de rentmeesterswoning, op zich al een klein kasteel. Deze woning werd gebouwd in Maaslandse Renaissancestijl en dateert uit midden zeventiende eeuw. Momenteel is het Alden Biesen-complex een cultureel centrum van de Vlaamse Gemeenschap en tevens congres- en ontmoetingscentrum. Er worden vele activiteiten op touw gezet.
In de kerk bevindt zich een Van Pethegemorgel uit 1788 dat oorspronkelijk in een nonnenklooster te Diest heeft gestaan maar in 1999 werd overgeplaatst naar de kerk van Alden Biesen. De nieuwe barokke kerk (1634-1638) werd onder landcommandeur Godfried Huyn van Geleen gebouwd ter vervangong van een middeleeuwse kapel. Bij de kerk sluit een galerij met Toscaanse zuilen aan, die in 1635 voltooid werd.