Kasteel Hoensbroek is in het Euregiogebied Maas-Rijn een van de belangrijkste en tevens grootste kasteelburchten. Reeds in de dertiende eeuw was er op deze locatie sprake van een versterkt huis. Het kasteel in zijn vroegste vorm dateert van rond 1360. Het werd gebouwd door ridder Herman Hoen die in 1388 vanwege zijn verdiensten in de oorlogen tegen Gelre en Gulik door hertogin Johanna van Brabant werd beloond met een stuk grond genaamd Ingenbroeck ('broeck' betekent 'moeras'). Van het veertiende-eeuwse kasteel resteert tot in de huidige tijd de ronde hoektoren aan noordwestzijde.
Feitelijk was Herman Hoen de eerste kasteelheer van het slot en hij gaf tevens de naam aan het kasteel. De naam 'Hoensbroek' is een samensmelting van 'Hoen' en 'Broeck', van de familienaam van de kasteeleigenaren dus en van het moerassige gebied waarin het kasteel gelegen was. De familie Hoen woonde tot aan de Franse tijd ononderbroken op het kasteel dat daarna in verval raakte. In 1927 vond het in de stichting 'Ave Rex Christe' een nieuwe eigenaar en werd het complex vervolgens gerestaureerd.
Het kasteel kon uitgroeien tot zijn huidige proporties doordat het gelegen was op een strategisch punt aan diverse handelsroutes, voerend naar steden als Maastricht, Tongeren, Luik, Aken en Keulen. Het kasteel werd enkele malen aangrijpend verbouwd, met name in de zeventiende en achttiende eeuw. De eerste grote verbouwing vond plaats tussen 1640 en 1660 en werd in opdracht van Adriaan baron Hoen van Hoensbroek gerealiseerd naar ontwerpen van Matthieu Dousin uit Visé (Wezet). De stijl waarin de uitbreiding werd uitgevoerd was de Maaslandse renaissancestijl, die men aantreft bij veel kastelen in de omgeving uit die periode. Twee voorburchten omsluiten twee grote binnenpleinen. Het kasteel zelf ligt rondom een derde binnenplaats. Het kasteelinterieur bevat nog diverse originele vertrekken met schouwen uit circa 1650. Rond 1721 werd de noordwestvleugel herbouwd. Deze herbergt de ridderzaal en in enkele vertrekken bevinden zich nog de originele schouwen en fraaie plafondschilderingen in Lodewijk XIV-stijl.
In de tachtiger jaren van de vorige eeuw werd het complex opnieuw gerestaureerd en kreeg het een educatieve museumfunctie. Het kasteel met de gracht eromheen en de gedrongen ronde en vierkante hoektorens is een ideale locatie voor dit soort zaken en het is een toeristische trekpleister van belang.